Home Verwante organisaties AC Madagascar||Onderwijs op Madagascar

AC Madagascar

madagascar01-168x158De activiteiten van AC Madagascar zijn voortgekomen uit het werk van Nederlandse missionarissen in het district rond Talata Volonondry. Grondlegger van de stichting -die bestaat sinds 1992-  was pater Ed Mulderink, een Jezuïet. Op zijn initiatief werd in het dorp Talata een borduuratelier opgericht waar de plaatselijke vrouwen een inkomen verdienden. Daarnaast werd, wederom dankzij pater Mulderink, rond het dorp op bescheiden schaal begonnen met de productie van rotanmeubelen. Het borduuratelier werd jarenlang met stevige hand geleid door Soeur Charlotte, een struise Congolese dame die helaas in 2007 werd overgeplaatst. Met haar verdween de motor achter de klantenwerving, waardoor het borduuratelier het tegenwoordig moeilijk heeft een afzet te vinden voor de producten: voornamelijk tafellakens met servetten. Door het vrijwel volledig ontbreken van industrie, de primitieve landbouwmethodes en de vele monden die moeten worden gevuld is het district vooralsnog gedeeltelijk afhankelijk van buitenlandse hulp.
AC-Madagascar richt zich niet op voedselhulp maar op de instandhouding en verbetering van de onderwijsomstandigheden. Wij bouwen en onderhouden schooltjes en steunen de onderwijzers met een aanvulling op hun salaris. Incidenteel dragen wij bij aan verbetering van de randvoorwaarden voor het onderwijs: zo leverden wij geld voor een waterput in het dorpje Beloha en elektriciteit in het dorpje Ampahidralambo, dankzij een royale gift van een oud AC-er.
Jaarlijks worden de schooltjes bezocht door één of meerdere vertegenwoordigers van de stichting. Deze doen dit voor eigen rekening.

Beloha
madagascar02Het dorpje ligt in een volstrekt geërodeerde omgeving. Enkele jaren geleden werd op onze kosten een put gebouwd bij de school zodat de kinderen in elk geval overdag te drinken zouden hebben. Door malversaties tijdens de bouw en onoplettendheid van de onderwijzers, stortte de put binnen een jaar in: een metafoor voor de situatie in Beloha. Dankzij bemoeienis van de Siciliaanse  pater Maruca, is echter inmiddels -onder scherp toezicht- een nieuwe put gebouwd. Dit keer betaald door Italianen.

Op het schooltje zijn drie onderwijzers werkzaam. De oudste, Jean, fungeert als hoofdonderwijzer. Met z’n drieën houden zij zich bezig met 210 kinderen. Het schooltje beschikt over slechts drie leslokalen en de kinderen krijgen in ploegen les. Armer dan de inwoners van Beloha kan bijna niet. De kinderen zijn mager, vervuild en dragen zelden schoenen. Om hen enigszins gemotiverd te houden krijgen de onderwijzers van ons een iets hogere toelage dan die op andere scholen. Toch valt het hun moeilijk de moed erin te houden.

Sadabe
Het dorpje Sadabe ligt op een kruispunt van wegen en begint zich hierdoor te ontwikkelen tot handelscentrum. De 210 leerlingen zien er merendeels verzorgd uit. Ze krijgen les van vrolijke onderwijzeressen en het aantal leslokalen, is mede dankzij een recente gift van AC Madagascar, voldoende. We verwachten dat de school in Sadabe binnen afzienbare tijd zonder onze hulp zal kunnen voortbestaan.

Antamponala
Naar verhouding heeft de school in Antamponala een groot aantal onderwijzers: drie onderwijzers op 65 kinderen.
De inwoners van dit dorp zijn ongeveer zo arm als die van Beloha, maar zij zijn positief ingesteld en slagen erin wat meer opbrengst van hun grond te genereren. Vorig jaar heeft AC-Madagascar een flinke bijdrage geleverd aan het verbouwen van een schuur tot schoolgebouw. Dit had wel wat voeten in de aarde: het eerste dak paste niet goed en het tweede dak waaide van de school af tijdens een cycloon, maar de dorpelingen zijn erin geslaagd een en ander zelf te herstellen. We denken dat dit dorp de komende jaren nog hulp nodig heeft, maar we zien hier een lichte verbetering.

Morarano
In Morarano wordt de school bezocht door 125 leerlingen. Er zijn drie onderwijzers. De onderwijzers hebben het goed voor elkaar. De school is netjes en de discipline opvallend. Toch zijn ze ook hier erg arm en zijn er nauwelijks verbeteringen waarneembaar.

Manjakasoa
In dit dorpje zijn voor 136 leerlingen en vier onderwijzers twee schoolgebouwen die enkele jaren terug met onze hulp zijn opgeknapt. Toen is ook een damwand gebouwd die ervoor moet zorgen dat het schoolplein vrij blijft van modderstromen in de regentijd. De reactie van de bewoners op deze verbeteringen van de schoolomgeving was hartverwarmend en gaf ons het gevoel dat we hen echt verder hadden geholpen. Zelf hadden ze voor de schooltjes nieuwe meubelen gemaakt. Wat ontbrak was een goede wc, daar hebben we het jaar erop voor gezorgd en in 2009 jaar hebben we de dorpelingen geholpen met kippen: Ieder gezin kreeg er twee, voor de eieren maar ook om te fokken. Dat dit een succes was bleek in oktober 2010 toen we bij ons jaarlijkse bezoek door een leger van kippen werden verwelkomd. We besloten geld achter te laten voor de aanschaf van biggen. We geloven dat deze dorpelingen oprecht proberen onafhankelijk van ons te worden.

Anjozorofady
Het aantal leerlingen in dit dorp groeit weer, na jaren van terugloop. Het zijn er nu 115 op acht leraren, een riante situatie. De verklaring ligt voor een belangrijk deel in de terugloop van omringende schooltjes, maar ook in de start van een school voor voortgezet onderwijs.
De lessen worden gegeven  in twee schoolgebouwtjes die inmiddels met onze steun grondig zijn opgeknapt.

Ambatomainty
Hier zijn 60 leerlingen op drie onderwijzers. We hebben het dak van de school opgeknapt en gezorgd voor wc’s. De onderwijzers hier stralen een zekere trots uit. Ze stellen zich niet afhankelijk op, een bijzonderheid.

Ampahidralambo
In dit dorpje steunen wij een middelbare technische school. De vooruitgang is hier spectaculair. Op initiatief van een arts, dr. Rolland en zijn vrouw Louise, die bioloog is, is in 2001 gestart met een schooltje voor de bewoners van het gebied rond de school. Doel was hen landbouwtechnieken en hygiëne bij te brengen. In de omgeving van Talata komt de pest nog voor als dodelijke ziekte en dat heeft veel met hygiëne te maken.
Al gauw vroegen de volwassen leerlingen naar mogelijkheden voor onderwijs aan hun kinderen en zo ontstond een technische school op MTS niveau die opleidt voor een landelijk erkend diploma. De school groeit hard: inmiddels zijn er 150 leerlingen van wie het gros inwonend is, want de leerlingen komen vaak van ver en de school heeft daarom slaapzalen. AC Madagascar heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de bouw van de schoolgebouwen en dankzij de aanleg van elekticiteit -betaald door een oud AC-er-  zijn er zelfs computers. Omdat de school de groei van het aantal leerlingen nog niet uit eigen middelen kan financieren, dragen wij vooralsnog bij aan de financiering van uitbreiding van de gebouwen. Ook betalen wij mee aan de docenten. Het is de bedoeling dat de school binnen enkele jaren self-supporting wordt.

Lees hier de reisverslagen van Rola Hulsbergen.
2010 Samen met Elvan Istanbullu, Veerle van der Klei en Eva van den Oever.
2011 Samen met Irene Brocke, vriendin en huisarts.
Nieuw: 2012 samen met Irene Brocke, vriendin en huisarts

U kunt geld geven.
U hebt ondertussen begrepen dat père Jean op Madagascar veel geld kan gebruiken. En omdat vele kleintjes samen tot een fors bedrag kunnen uitgroeien, zijn we ook blij met gewone kleine giften. Ons gironummer staat hieronder. Giften aan onze Stichting zijn aftrekbaar voor de inkomstenbelasting volgens de normale regels van de belastingdienst.

ING 38 58 19
t.n.v. Stichting AC-Madagascar
te Den Haag

 
De club van 100 invloedrijke AC-ers
club-100-logo01De initiatiefgroep van de club van 100 kwam op 12 mei 2011 voor het eerst bijeen, nadat vanaf januari potentiële leden waren benaderd. De leden van de club onderscheiden zich door een meer dan gemiddelde betrokkenheid bij het AC en een groot netwerk. Tot de leden van het eerste uur behoren oud-minister Bernard Bot en Chris Oomen, bestuursvoorzitter van DSW zorgverzekeringen.

             
madagascarkip

De stichting AC-Madagascar wil de bewoners van de dorpjes, waarvan wij de scholen steunen, helpen verder te komen door hen te stimuleren kippen te gaan fokken. Met de opbrengst van kippen en eieren kunnen zij zich iets meer welvaart verschaffen. Dat een dergelijke actie zin heeft, bewijst onze ervaring met...

Lees meer...